Ilja Leonard Pfeijffer

foto: Gijs Heuff.

2019, pastelkrijt op papier, 50 x 70 cm.

Zijn boek, De filosofie van de heuvel, is al 10 jaar oud; toch las ik het dit voorjaar pas. Als ik eerder van het bestaan had geweten, zou ik het zeker al in 2013 gelezen hebben. Mijn dochter Karmijn en ik besloten toen om samen naar Rome te fietsen. Niet de hele route. Omdat we maar 18 dagen de tijd hadden, reisden we per trein naar Zurich en fietsten vandaar, via Zwitserland, Oostenrijk en de Povlakte, naar Rome.
Ilja Leonard Pfeijffer en zijn vriendin Gelya Bogatishcheva fietsten ook naar Rome maar via een heel andere route. Toch herkende ik erg veel uit het boek. Het onafgebroken bezig zijn met de weersomstandigheden, de constante onzekerheid of je de geplande etappe ook haalt, hoe je het beste hellingen bedwingt. Houdt je fiets het wel, rij je je banden niet lek? Kortom, de beslommeringen die ook Karmijn en mij bezighielden, maar die we zeker niet het plezier van onze buitengewone tocht hebben laten overstemmen.

Ik denk er nog wel eens aan terug als ik ‘s maandags mijn kilometertje zwem. Vroeger was ik druk in mijn hoofd met het tellen van die 40 baantjes. Hoeveel heb ik er al gezwommen, hoeveel nog te gaan, hoe raak ik de tel niet kwijt? Om de eentonigheid te doorbreken probeerde ik het in breuken: 1/40, 1/20, 1/10, 1/8 en zo verder. Alsmaar tellen en rekenen. Kortom, veel gedoe dat mijn plezier danig in de weg stond. 
Tegenwoordig is de klok mijn kompas. Na een uurtje baantjes trekken, genietend van het koele water en de sprankeling van het zonlicht daarin, stap ik voldaan het zwembad uit.
Waar een fietstocht en een boek al niet toe kunnen leiden. Zoals het tekenen van Pfeijffers portret.

Vriendelijke groet, 
Bert

One thought on “Ilja Leonard Pfeijffer

  1. Reactie van Jos Swiers op portret van Ilja Leonard Pfeiffer

    De schepper

    Om sommige zaken kun je niet heen. Je wordt er door aangetrokken en vervolgens blijf je gefascineerd kijken. Nu heeft Ilja Leonard Pfeiffer daar ook de kop voor. Groot, groots, massief indrukwekkend. Of je hem nu op een foto ziet of anderszins verbeeld, het maakt niet uit. Ik realiseerde me dat al eens eerder bij het beeld dat Evert van Kooten Niekerk in 2015 van hem maakte. Hij beeldde hem af als Zeus, de ongenaakbare oppergod. Het lijkt logisch om dan te denken en vervolgens te beweren dat ook deze tekening van de schrijver tot stand is gekomen vanwege dat indrukwekkend voorkomen. Maar ik wens dat te betwijfelen. Lees maar eens de toelichtende teksten die Bert Megens zelf meegeeft bij zijn werk. Het gaat om een lied, een film, een idee, een toespraak of een kleinkind dat op haar kop in een klimrek hangt. Niet de persoon zelf vormt het uitgangspunt, de bron van inspiratie, maar steeds iets dat door die persoon is gedaan, gemaakt of uitgebeeld. Het zijn de scheppende daden die de aanleiding vormen om het beeld compleet te maken: er hoort nog een kop bij. Bert tekent en schildert voor mij daarom geen personen maar scheppers. Zoals Van Kooten Niekerk deed door de schrijver de identiteit van een Griekse God te geven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.